Het Leven centraal in het onderwijs? Dan hoort de dood er ook bij.
Een prikkelende titel, die voortkomt uit het verloop van de opstelling bij de Systemische Werkplaats Onderwijs van 12 november 2025. In dit verslag lees je de belangrijkste inzichten uit deze bijeenkomst.
Een van de deelnemers brengt de vraag vooraf in. Ter plekke schrijven we de vraag op het bord en direct volgt er een uitwisseling. Een aantal deelnemers heeft behoefte om de vraag net even anders te formuleren. Er lijkt zich direct een patroon aan te dienen bij de start van de Werkplaats, namelijk dat ‘deelnemers er iets van gaan vinden’. In onze begeleiding op scholen herkennen we dit patroon. Uiteindelijk is de vraag: “Hoe kunnen we leidinggeven in het onderwijs dat dienend is aan het leven in plaats van dat de markt, politiek en economie de leiding nemen?”
Wat is een opstelling?
Voor de lezer die niet bekend is met opstellingen een korte toelichting. Het is een manier om een ruimtelijke weergave te maken van een systeem (zoals een familie, team, of organisatie) om onbewuste patronen, relaties en dynamieken zichtbaar te maken, vaak met representanten (mensen of poppetjes) die de verschillende elementen vertegenwoordigen. Het doel is om inzicht te krijgen in verborgen informatie, emoties en blokkades die een rol spelen in een probleem, en zo ruimte te creëren voor verandering.
In deze opstelling zijn er representanten voor leidinggeven, dienend, onderwijs, het leven. Later komen hier nog het kind, het hart en de dood bij.
Verloop en inzichten
Zoals bijna elke opstelling over het onderwijs is er in eerste instantie zwaarte en stilte voelbaar en weinig beweging zichtbaar. Als de representant van het onderwijs tussen door even naar de wc gaat, ontstaat er gelijk veel luchtigheid en beweging. Het lijkt wel een klas kinderen, van wie de juf of meester even naar de wc is.
In de opstelling zijn we op zoek naar hoe er verbinding kan ontstaan tussen de elementen zodat het weer kan stromen. Soms betekent dit dat we een representant uitnodigen om een nieuw element te representeren, soms meldt een representant zich uit zichzelf. Dat gebeurde met het kind. Een van de deelnemers had de impuls om twee steentjes uit de vensterbank te pakken en hiermee te gaan spelen. Voor sommige was het tikkende geluid van het kind irritant, anderen in de opstelling werden juist nieuwsgierig. De systemische vraag komt dan op: wat heeft dit gedrag van het kind te zeggen?
Het leven en de dood maken een beweging, samen met het onderwijs naar het kind. Er ontstaat vertraging in het contact met het kind. Het kind vraagt aandacht en wil tegelijkertijd niet centraal staan. Het wil ruimte om te kunnen zijn en te spelen. En het kind gaat aan op oprechte nieuwsgierigheid. Dan is werkelijke groei mogelijk.
Het wordt in de opstelling ook duidelijk hoe het leven zelf niet als zodanig kan bestaan, de dood is onlosmakelijk verbonden met het leven. Bijna vanaf het begin lopen ze samen gearmd door de opstelling, waarbij zij de leiding nemen. Het vraagt om vertraging, met ruimte voor aanvankelijk de schrik en later de nieuwsgierigheid naar leven en dood.
Het valt ons op hoe traag de opstelling verloopt, alsof het leven en dood ons willen aangeven hoe het werkelijke tempo van het leven is. En dat is niet het tempo van de markt, de politiek en de economie. Die zitten in een andere versnelling.
Een ander inzicht is dat leidinggeven dicht tegen een burn out aan zit en pas helemaal aanwezig kan zijn, als ze niet alleen met het hoofd maar met het hele lijf (en daarmee ook met haar hart) aanwezig is. Anders geformuleerd: er was een roep om vrouwelijke energie. Dan is ze in staat om verbinding te maken met haar dienende deel en kan ze leiding gaan geven.
Bron afbeelding: Leven en dood, Gustav Klimt

